In één keer zien of watergang op orde is

24.06.16

Nieuwe toetsingsmodule maakt doorstroomprofiel inzichtelijk.


Voor veel waterschappen is het een uitdaging om te bepalen wanneer een watersysteem op orde is. Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft met RPS advies- en ingenieursbureau gewerkt aan een toetsingsmodule die daar antwoord op geeft.

‘Als we nu niets doen, slibben onze watergangen dicht en houden we onze voeten niet droog’. De noodkreet van Rijnland vormde ruim negen jaar geleden het startsein voor een grootscheepse baggeroperatie. In 2022 moeten alle wateren binnen het gebied van Rijnland weer op juiste diepte zijn. Miljoenen kubieke meter bagger worden uit de watergangen van de polder en boezem gehaald. Daarmee creëert het waterschap een goede doorstroming van het water en ontstaat ruimte voor de ontwikkeling van een gevarieerd ecosysteem. Maar wanneer voldoet een watergang nu eigenlijk aan beide criteria?

“Bij zo’n grote baggeropgave zit de grootste winst in nut en noodzaak”, begint Henk Weijers, assetmanager watersysteem bij Rijnland. “Belangrijkste doel is het op orde hebben van je watersysteem. Daarvoor wil je alleen doen wat nodig is en de vraag is hoe je dat bepaalt. Als een watergang niet uniform getoetst wordt, geeft dat niet alleen verwarring tussen adviesbureaus, aannemers, waterschappen en gemeenten. Maar ook intern tussen de diverse medewerkers die werken aan de baggerprojecten. Er ontstaat discussie wanneer een watergang qua afmetingen voldoet.”

Eenduidige toetsing

De assetmanager zocht daarom naar een eenduidige toetsing van de watergangen op basis van het doorstroomprofiel. Alle data in een helder overzicht, waarmee Rijnland zelf analyses kan uitvoeren.
Projectmanager waterbodem Lotte Rippen van RPS is nauw betrokken bij de bagger­projecten van Rijnland. Ze staat aan de basis van de ontwikkeling van BaggerProfiel. Een nieuwe applicatie die waterschappen bij de hand neemt bij het bepalen van de baggerhoeveel­heden om de legger- en/of normprofiel te halen. Het normprofiel is een denkbeeldige lijn in de dwarsdoorsnede van het oppervlaktewater, waarmee de beleidsmatig vereiste (onderhouds)toestand van het profiel van de waterbodem wordt aangegeven.

Lotte is met Rijnland aan de slag gegaan om er de Rijnlandse toetsregels in een toetsingsmodule aan toe te voegen. In die toetsingsmodule zijn twee elementen verwerkt. Het eerste deel gaat over het toetsen van de legger. Oftewel, is het gebaggerde profiel voldoende? In het leggerprofiel gaat het daarbij niet alleen om het doorstroomprofiel, maar ook of het water diep genoeg is om de waterkwaliteit op orde te brengen.

Profiel-toets-inc-tabel-en-nat-profiel
Figuur 1: Toetsen
Drie toetsen stellen samen vast of het profiel voldoet. Zo wordt van elk ingemeten profiel (groene lijn) het oppervlakte van het natte profiel (groen gearceerde oppervlakte) vergeleken met het profiel van de legger (paarse lijn). Daarnaast wordt bepaald welk deel van het gemeten profiel (groene lijn) de leggerdiepte haalt (grijze stippellijn). Tot slot wordt bepaald welk deel van het profiel x procent van de leggerdiepte haalt.

 ‘Werkbaar bakje’

Het tweede deel van de applicatie behelst het eenduidig vaststellen van het te baggeren profiel. Binnen Rijnland zijn per type watergang verschillende leggerafmetingen te definiëren. “In het boezemsysteem doen we dat vanuit de waterlijn met variabele bodembreedte. In het poldersysteem werken we met een vaste bodembreedte. Heb je binnen een project geen uniforme profieldefinitie, dan is dat lastig uit te leggen in een bestek naar de aannemers of in de communicatie naar de bewoners”, ervaart Henk.
“Je hebt te maken met werkzaamheden die zich onder water bevinden. Dat is niet eenvoudig. Met een uniform ‘werkbaar bakje’ per watergang maak je het inzichtelijk en makkelijker om mee te werken”, motiveert Lotte die keuze.

Signaleren

Binnen Rijnland zijn de toetsregels door Henk en zijn collega’s van de afdelingen beleid en onderhoud op drie onderdelen gedefinieerd: diepte, oppervlakte en volume. De toetsing vindt plaats op profiel- en watergangniveau. Met de toetsingsmodule in BaggerProfiel berekent en visualiseert Rijnland de diepte, oppervlakte en volume in één keer op het scherm. “Zo signaleer je direct of het vooraf vastgestelde doorstroomprofiel gehaald wordt. Is er een knelpunt in de watergang of moet de hele watergang gebaggerd worden? En zo ja, hoeveel dan? Op basis van deze toetsing maak je met de module een passend te baggeren profiel”, legt Lotte uit.

Tijdwinst

Waar Rijnland de toetsingen voorheen handmatig uitvoerde, is dat proces nu geautomatiseerd. “Bovendien word je ook geholpen in de analyse. Dat levert tijdwinst op”, merkt Henk op.
De toetsingsmodule is zo ontwikkeld dat Rijnland verschillende diepten door kan laten rekenen. “We kunnen in het onderhoudsmanagement de onderhoudsmaat meegeven en kijken wat daar de meest efficiënte maat van is. Zo maak je doelmatigere onderhouds­plannen. Soms is het aantal te verwijderen kuubs zo klein, dat de kosten per kuub erg groot worden. Dan kun je besluiten meer te baggeren dan begroot, of is baggeren nog even niet nodig”, aldus de assetmanager.
“Omdat je ook de uitpeilingen moeiteloos in de applicatie invoert, zie je meteen of de gebaggerde watergang voldoet aan de vooraf gestelde eis”, vult Lotte aan.

Profiel-basis-met-besteksprofiel-en-opp
Figuur 2: Vaststellen te baggeren profiel
Op basis van de legger (zwarte lijn) wordt een normprofiel gegenereerd dat past in alle profielen van het traject. Voor de uitvoer van baggerwerk wordt een normprofiel (vaste paarse lijn) met extra overdiepte (onderbroken paarse lijn) berekend. In dit voorbeeld wordt de leggerdiepte gehandhaafd, maar het normprofiel is breder dan de aangegeven leggerbreedte.

Modern assetmanagement

Als assetspecialist weet Henk hoe belangrijk relevante onderhoudsdata is voor het nemen van beleidsbeslissingen. Wat dat betreft is de toetsingsmodule in BaggerProfiel een welkome versterking voor Rijnland. “Als je de baggerdiepte vergroot voor het verbeteren van de ecologische situatie, kan je met hulp van de applicatie direct inschatten wat dat aan extra investering vraagt”, illustreert Henk de meerwaarde met een voorbeeld.
Dan kom je al snel op het vlak van risicogestuurd beheer en onderhoud. Een cruciaal onderdeel binnen modern assetmanagement. “Voor elk waterschap is deze verandering naar een nieuwe stijl van beheer een uitdaging”, weet Henk. “Als het gaat om de nut en noodzaak is het lastig daar grip op te krijgen en te houden. De toetsingsmodule helpt ons bij de ontwikkeling van assetmanagement binnen onze organisatie. Het geeft inzicht waarom je iets wel of niet moet doen? En hoe je dat vervolgens moet doen? Zo vertaal je de theorie naar de praktijk. Dat is een groot winstpunt voor de toekomst.”

rps-artikel-henk-weijers-rijnland-lotte-rippen
Henk Weijers, assetmanager watersysteem bij het hoogheemraadschap van Rijnland en Lotte Rippen, projectmanager waterbodem bij RPS.